De enzymen van de alvleesklier - bloedonderzoek

Gesloten
Gebruikersavatar
Neeltje
Berichten: 60311
Lid geworden op: 13 mar 2009 17:48
Insuline: was Caninsulin
Woonplaats: Eindhoven

De enzymen van de alvleesklier - bloedonderzoek

Bericht door Neeltje » 28 jan 2016 20:40

Amylase, lipase, TLI en PLI
De alvleesklier (pancreas) maakt verteringsenzymen. Enzymen zijn eiwitten die afbraak van stoffen makkelijker maken. Amylase, lipase en trypsine zijn voorbeelden van enzymen die door de alvleesklier gemaakt worden. Deze enzymen kunnen we meten in het bloed. Een verhoging kan wijzen op alvleesklierontsteking (pancreatitis). Een verlaging kan wijzen op een slechte vertering (exocriene pancreas insufficiëntie, EPI). Voor de diagnose pancreatitis is de PLI de beste test. Voor de diagnose EPI is de TLI de beste test.

Amylase
De dierenarts meet amylase om vast te stellen of uw kat een alvleesklierontsteking (pancreatitis) heeft of een andere aandoening van de alvleesklier. Deze test meet de enzymactiviteit van amylase in bloed. Amylase is één van de vele enzymen die gemaakt worden door de alvleesklier (pancreas). Alvleesklierenzymen zijn eiwitten die zorgen voor vertering van vetten, eiwitten en suikers. Amylase helpt suikers uit het voedsel te verteren.

Wanneer wordt de amylase test gedaan?
De dierenarts vraagt een amylasetest in bloed vaak aan als een kat blijft overgeven. Wij denken aan een alvleesklierontsteking (pancreatitis), als uw dier ernstige buikpijn, koorts, verminderde eetlust of misselijkheid heeft. Amylase is ook verhoogd bij veel maag- en darmproblemen. Een verhoogde amylaseactiviteit in bloed wil dus niet altijd zeggen dat er problemen zijn met de alvleesklier.

Wat betekent de uitslag?

Licht verhoogd: Een lichte verhoging van amylase in het bloed kan voorkomen bij veel aandoeningen in de buik (maag, alvleesklier, lever, darmen, nieren).
Sterk verhoogd: Een sterk verhoogde hoeveelheid amylase in het bloed kan wijzen op een acute alvleesklierontsteking. Binnen 12 uur nadat de schade is ontstaan, kan de amylaseacitiviteit in het bloed vier tot zes maal hoger zijn dan normaal. Na succesvolle behandeling van de ontsteking daalt de amylase binnen enkele dagen weer tot normaal. Amylase kan ook verhoogd zijn in geval van alvleesklierkanker of bij honden en katten met lever-, galweg-, nier-, maag of darmproblemen.
Verlaagd: Verlaagde waarden van amylase in bloed en urine kunnen wijzen op schade aan alvleeskliercellen die amylase maken. Een geleidelijk afnemende amylasewaarde komt voor bij chronische alvleesklierontsteking. Na een aanvankelijke stijging van de hoeveelheid amylase treedt na verloop van tijd een daling op als de schade voortduurt (chronische ontsteking).

Lipase
Lipase is het vetsplitsend enzym. Deze bloedtest laten dierenartsen doen om vast te stellen of een patiënt een alvleesklierziekte (ziekte van de pancreas) heeft. Deze test meet de hoeveelheid lipase in het bloed. Lipase wordt door de alvleesklier (pancreas) gemaakt en wordt via de alvleesklierbuis naar de twaalfvingerige darm vervoerd. Lipase is een enzym. Een enzym is een eiwit dat een bepaalde stof kan omzetten in een andere stof. In de darm helpt lipase bij de omzetting van vet uit het voedsel, zodat de opname makkelijker wordt. Lipase komt normaal in kleine hoeveelheden voor in het bloed. Wanneer de alvleesklier beschadigd is of de alvleesklierbuis verstopt is, zal de hoeveelheid lipase in het bloed toenemen.

De dierenarts vraagt deze test aan als een kat klachten heeft die kunnen passen bij een aandoening aan de alvleesklier (pancreas) zoals: buikpijn, koorts, verlies van eetlust, misselijkheid. De dierenarts kan de lipasetest ook meerdere keren achter elkaar aanvragen om een patiënt te volgen die behandeld wordt voor een alvleesklierziekte. Het effect van de behandeling kan dan gevolgd worden door te kijken of de hoeveelheid lipase afneemt of toeneemt.

De lipasetest is ook verhoogd bij: veel maag- en darmziekten zoals maagzweren, maagontsteking, IBD en voedselovergevoeligheid.

Wat betekent de uitslag?

Normaal: Bij gezonde katten vinden we maar een kleine hoeveelheid lipase in het bloed. De normale waarden of referentie waarden kunnen per laboratorium verschillen.
Licht verhoogd: Licht verhoogd lipase kan voorkomen bij nierziekten, een ontsteking van de speekselklier, een verstopping van de darmen en maagzweer. De test wordt normaal niet gebruikt om deze ziekten vast te stellen of te vervolgen.
Sterk verhoogd: Bij een acute ontsteking van de alvleesklier (pancreatitis) is de hoeveelheid lipase vaak 5 tot 10 keer verhoogd ten opzichte van die bij gezonde dieren. Bij acute ontsteking van de alvleesklier stijgt de hoeveelheid lipase fors in 24 tot 48 uur en blijft 5 tot 7 dagen verhoogd. De hoeveelheid lipase kan ook verhoogd zijn bij een verstopping van de alvleesklierbuis, bij alvleesklierkanker of een andere alvleesklierziekte. Ook na het geven van medicijnen (prednison, corticosteroïden) stijgt het lipase soms, zonder dat er ook echt iets met de alvleesklier aan de hand is. Verder zien we verhogingen bij: nierziektes, leverziektes, darmverstopping, buikvliesontsteking, galblaasontsteking, en bij de ziekte van Cushing.
Verlaagd: De hoeveelheid lipase kan verlaagd zijn als de cellen die het lipase maken niet goed (meer) werken.

Omdat lipase ook vaak verhoogd is bij veel andere ziektes, zijn er nieuwere tests ontwikkeld, die specifieker iets zeggen over de alvleesklier: pancreas specifiek lipase.

Spec cPL ™, Spec fPL™, PLI (pancreas specifiek lipase)
Deze test kijkt alleen naar lipase dat gemaakt wordt in de alvleesklier. Met deze test kan de diagnose alvleesklierontsteking (pancreatitis) gesteld worden. Ontsteking in de alvleesklier zorgen voor een toename van het pancreas specifiek lipase (cPL of fPL) in het bloed. De gewone lipase test is ook verhoogd bij nierziektes, leverziektes, maagontsteking, de ziekte van Cushing, prednisolon gebruik of gebruik van andere medicijnen (corticosteroïden). Het pancreas specifieke lipase is alleen verhoogd bij alvleesklierziektes. Maar we zien vaak dat bij maag- en darmziektes de waarde ook wel wat omhoog gaat. De reden om de spec fPL of spec cPl test aan te vragen is: braken, sloom zijn, verminderde eetlust, vermageren, suikerziekte, lever- of maag- en darmziektes, verdenking op acute of chronische alvleesklierontsteking, of als we een verhoogde gewone lipase test hebben.

TLI
De TLI test gebruiken we om aan te tonen dat de alvleesklier het niet meer doet en geen verteringsenzymen meer maakt. We noemen deze ziekte exocriene pancreas insufficiëntie (EPI). De TLI test (trypsin-like-immunoreactivity) meet de alvleesklier enzymen trypsine en trypsinogeen in het bloed. Als een kat alvleesklierenzymen krijgt toegediend, meet je deze niet mee in deze test. Wel valt de uitslag van de TLI test hoger uit als de kat heeft gegeten vóór de bloedafname. Voor een betrouwbare uitslag is het belangrijk dat uw huisdier 8-12 uur niet heeft gegeten voordat de dierenarts het bloed afneemt. Als de alvleesklier het niet meer doet doordat de afvoergang van de alvleesklier geblokkeerd is, is de TLI test niet afwijkend. In dat geval is wel de elastase 1-test afwijkend (deze test wordt uitgevoerd in ontlasting van de hond). Wij vragen een TLI test aan om de ziekte EPI vast te stellen. Een duidelijke verlaging van de TLI waarde past bij de diagnose EPI. Verhoging van TLI waarde past bij acute alvleesklierontsteking (kortdurende verhoging in eerste fase van pancreatitis), of de eerste fase van chronische pancreatitis.

bron: http://www.mcvoordieren.nl

referentiewaardes faculteit Utrecht:
TLI 12 - 82 µg/L
Amylase 413 – 1050 U/L
Lipase 21 – 186 U/L
Spec, cPLI – fPLI < 3,5 µg/L
Gebruikersavatar
Neeltje
Berichten: 60311
Lid geworden op: 13 mar 2009 17:48
Insuline: was Caninsulin
Woonplaats: Eindhoven

DGGR lipase test Pancreatitis

Bericht door Neeltje » 23 jul 2018 11:18

Gesloten